Beste collega’s, vrienden en belangstellenden,
Om te beginnen: we hebben van het ministerie een reactie ontvangen op de brief die we via onze advocaat hadden verstuurd. Deze reactie is te vinden onder documenten (link). In het kort: er wordt gewerkt aan het analyseren van de reacties op de internetconsultatie en onze brief wordt meegenomen als een belangrijk signaal.
Verder vond er op donderdag 22 augustus een gesprek plaats tussen een deel van het bestuur van de BvP en de directeur en voorzitter van de NVP. Zij hadden kennisgenomen van onze standpunten en wilden meer tekst en uitleg geven, specifiek aangaande de positie van de psychotherapeut.
Ons is duidelijk geworden dat de steun van de NVP voor de huidige plannen voortkomt uit de redenatie dat de psychotherapeut te zwak staat als zelfstandig (basis)beroep en alleen kan overleven als hij specialist wordt. Vervolgens stellen zij dat de enige weg naar een specialistische status voor de psychotherapeut is om aan te haken bij het nieuwe beroep klinisch psycholoog-psychotherapeut.
Hieronder gaan wij wat dieper in op de positionering van de psychotherapeut.
Er zijn eerdere pogingen geweest om de plek van de psychotherapeut in het stelsel te veranderen, bijvoorbeeld door het als aantekening bij het specialisme klinisch psycholoog onder te brengen (2012). Hiervoor was onvoldoende draagvlak onder de verschillende veldpartijen, waaronder ook de psychotherapeuten zelf. In 2016 deed de NVP in de Taskforce Artikel 14 Psychotherapeut het voorstel om van de psychotherapeut een eigenstandig specialist te maken. Dit zou een specialisme worden van het basisberoep GZ-psycholoog; immers, de psychotherapeut beschikt niet over een eigen basisberoep (het ís wettelijk een basisberoep). Ook dit voorstel strandde uiteindelijk op te weinig draagvlak, dat wil zeggen, op onderhandelingen en niet op wettelijke beperkingen.
Het ministerie van VWS beoordeelt een aanvraag voor een nieuw specialisme aan de hand van een aantal wettelijke criteria (https://wetten.overheid.nl/BWBR0035674/2014-10-25). Het beroep van (of de opleiding tot) psychotherapeut kan hier prima aan voldoen. Echter, de inhoudelijke invulling van het specialisme laat de minister aan het veld; in dit geval aan het College Specialismen Gezondheidszorgpsycholoog en Psychotherapeut (CSGP, https://www.fgzpt.nl/site/fgz/de-fgzpt/college/samenstelling). Dit college, bestaand uit vertegenwoordigers uit het werkveld, heeft bepaald dat een specialisme in de GGZ moet rusten op vier pijlers: diagnostiek, behandeling, management en wetenschappelijk onderzoek. Voor de duidelijkheid: het betreft hier dus geen wettelijke eisen, maar een visie van het college. De klinisch psycholoog heeft in 2005 via deze pijlers de positie van specialist verworven, als deelgebied van het basisberoep GZ-psycholoog.
De positionering van de psychotherapeut in het stelsel is uiteindelijk dus geen wettelijke kwestie, maar een uitkomst van onderhandelingen in het veld. Wil de psychotherapeut zijn specialistisch werk verzilveren in een officieel specialisme, dan komt hij onherroepelijk op het terrein van de GZ-psycholoog en de klinisch psycholoog, die niet zomaar hun titel voor hem willen openstellen. De onderhandelingen gaan over de vraag of de psychotherapeut wel ‘op niveau’ is. Er is draagvlak voor het combinatieberoep klinisch psycholoog-psychotherapeut, via het basisberoep GZ-psycholoog, maar zowel de GZ-psycholoog als de klinisch psycholoog eisen bijscholing.
Het gesprek met de NVP heeft ons overtuigd van hun goede intenties in de onderhandelingen die zij voeren. Maar in die onderhandelingen zien wij uit zicht raken dat de psychotherapeut al heel lang een goed gedefinieerde, wetenschappelijk verankerde, zichzelf ontwikkelende en essentiële positie in het werkveld heeft. De psychotherapeut hoeft niet langs de lat van de GZ-psycholoog of de klinisch psycholoog gelegd te worden. Wij houden primair vast aan de mogelijkheid en de noodzaak van een eigenstandig specialisme voor de psychotherapeut. Deze optie doet het meest recht aan de specifieke vaardigheden van alle betrokken beroepen. Van de vier pijlers die het CSGP heeft geformuleerd, onderschrijven wij voor de psychotherapeut ‘behandeling’ en ‘diagnostiek’. Dat is ons specialisme. Dit heeft de BvP ook aan de Minister kenbaar gemaakt: de samenleving en de GGZ kunnen het zich niet veroorloven om psychotherapeuten weg te halen van hun kerntaak en ze te gaan omscholen tot managers en wetenschappers.
Mocht het combinatieberoep klinisch psycholoog-psychotherapeut er toch komen, dan eisen wij een zeer soepele overgangsregeling voor de huidige psychotherapeuten. Elke bijscholing die niet inhoudelijk het werk van de psychotherapeut ondersteunt, vinden wij onnodig en onacceptabel. Net als de andere disciplines zijn psychotherapeuten voortdurend gehouden aan bijscholingseisen en dit houdt hen prima ‘op niveau’. Er is geen aantoonbare noodzaak voor meer verplichting.
Wij weten dat er weerstand is tegen een “zeer soepele” overgangsregeling bij diverse partijen. Maar weet dit: tussen 1998 en 2004 kreeg een psychotherapeut met psychologie als vooropleiding de GZ-registratie zonder enige extra inspanningseis. En dezelfde persoon kon in 2005 op grond van de toenmalige overgangsregeling zonder enige of, als hij niet in een instelling werkte, minimale bijscholing zijn KP-registratie krijgen. Een grove schatting is dat de helft van alle huidige klinisch psychologen hun registratie zo ‘cadeau’ hebben gekregen. Daarbij komt dat klinisch psychologen sinds een aantal jaar automatisch de titel psychotherapeut krijgen, zonder dat zij daarvoor hebben hoeven bijscholen op gebied van behandeling, waar zij wat betreft gesuperviseerde uren een forse achterstand hebben. Dus de kritiek vanuit de andere disciplines op onze eis van minimale bijscholing komt met flink wat boter op het hoofd.
Als er toch een overgangsregeling dreigt met onnodige en onrechtbaardige bijscholingseisen zullen wij dit via de rechter proberen te voorkomen of schadevergoeding vragen voor iedere huidige psychotherapeut als het wordt doorgezet.
Belangrijk juridisch werk is al gedaan, maar er zal nog meer volgen. We hebben daarom jullie financiële steun nog altijd hard nodig. Hartelijk dank voor jullie bijdragen.
In de komende tijd is onze prioriteit om de ontwikkelingen zeer kritisch te volgen en er zoveel mogelijk ruchtbaarheid aan te geven richting onze achterban. Wij willen dat psychotherapeuten beter geïnformeerd worden dan tot nu toe het geval was en dat zij weten dat er een alternatief is, waar zij zich achter kunnen scharen.
Deel vooral de link naar onze site, zodat meer collega’s geïnformeerd raken.
Vriendelijke groet,
Belangenvereniging van Psychotherapeuten
